HomeNegen CommentarenGeschiedenisOpzeggingenNieuwsarchiefVideosInternationaal

Vrijheid van meningsuiting in China


De volgende toespraak werd in Stockholm, Zweden, gegeven door Maiping Chen, voorzitter van het Independent Chinese PEN Centre (ICPC), de wereldwijde vereniging van schrijvers voor het bevorderen van vriendschap en intellectuele samenwerking onder schrijvers en het vechten voor vrijheid van meningsuiting. 

De volgende toespraak werd in Stockholm, Zweden, gegeven door Maiping Chen, voorzitter van het Independent Chinese PEN Centre (ICPC), de wereldwijde vereniging van schrijvers voor het bevorderen van vriendschap en intellectuele samenwerking onder schrijvers en het vechten voor vrijheid van meningsuiting. De titel van het seminarie luidde ‘Communisme en mensenrechten in China’.

De organisatoren waren de Chinese Overseas Democracy Coalition, The Epoch Times, de ICPC en de International Society for Human Rights.


Dhr. Maiping Chen, dichter, schrijver en voormalig hoofdredacteur van het Chinese literaire magazine Today



Maiping Chen: Ten eerst wil ik zeggen dat ik mijn volledige steun geef aan de twee voorgaande sprekers. Ik ben het met hen eens omdat ik mijn eigen ervaringen en voorbeelden heb. Ik geef Dhr. Wei mijn volledige steun omdat hij mijn inzichten heeft verruimd. Ik heb vele jaren voor mensenrechten gewerkt, maar ik zag mensenrechtenkwesties nooit vanuit politieke of ideologisch perspectief. Ik verdedig mensenrechten in algemene zin. Ik denk niet na over politiek, maar nu hebben zijn verklaringen hier mijn ‘inzichten verruimd’. Het is waar dat, wanneer je de mensenrechtensituatie in China niet verbetert, het slechter zal worden. Als we hen het dictatorschap laten aanhouden, het 1 partij systeem, dan kunnen we een oorlog niet vermijden omdat er al veel zulke voorbeelden zijn. Dan zijn we er allemaal bij betrokken.

Net een paar dagen geleden voerden Rusland en China high-tech militaire oefeningen uit en je kan bedenken waarom ze dit deden. Ze testten het satellietsysteem. De V.S. hebben een overeenkomst met Japan en Taiwan. Als de Communistische Partij Taiwan aanvalt, zullen zowel de V.S. en Japan erin betrokken raken. Dan, als het Chinese militaire monitorsysteem vernietigd wordt, zal Rusland China helpen met het satellietsysteem. Kijk maar naar wat er gebeurd is in het voormalige Joegoslavië: waarom bombardeerde de NATO de Chinese ambassade daar? De NATO verwoestte eerst het Joegoslavische militaire monitorsysteem, en toen hielpen de Chinezen het te herstellen in de Chinese ambassade. Dat is waarom de NATO de ambassade bombardeerde. Het is nu hetzelfde. Rusland zal China helpen als het tot oorlog komt. Rusland zal China helpen om de militaire operatie en het informatiesysteem te behouden.

Ze bereiden een oorlog voor; en het is zo alarmerend, maar onze overheden en onze massa media hier in Europa maken het ons niet bewust. Het is waar dat de politieke leiders hier in Europa de mensen geen waar beeld geven van wat er gebeurt. Wat we vaak kunnen zien in de massa media zijn de welvarende Chinese ontwikkelingen. Een aantal dagen geleden zag ik een documentaire over China op de Zweedse TV, en ik vond het niet erg leuk. Het gaf geen waarachtig beeld. Het deed een valse vraag rijzen. Het leek erop dat iedereen daar overeenstemde dat de economische situatie in China erg goed is; het zijn echter de politieke rechten en hervormingen die niet veranderd zijn. Iedereen die in deze documentaire geïnterviewd werd, geloofde dat als je de Chinezen helpt een krachtige economie te ontwikkelen, er uiteindelijk wel politieke hervormingen zullen komen. Meer dan 10 jaren zijn verstreken. Kunnen we enige tekenen van politieke hervorming zien?

We kunnen zien dat de Partij nog steeds een dominerend beleid voert. Ze openen geen enkele mogelijkheid tot een democratisch proces. Daarom geef ik Dhr. Wei mijn volledige steun voor zijn opinie. Mensenrechtenproblemen in China gaan niet alleen het Chinese volk aan. Het zal ons hier in Europa ook aangaan. We raken betrokken wanneer we het Chinese regime Taiwan aan laten vallen. Ik denk dat we hier in Europa niet alleen aan de mensenrechten in China moeten denken, maar ook aan onze eigen families, kinderen, hun veiligheid en hun toekomst. Mensenrechten in China zijn verbonden met onze levens.

Ook steun ik Mevr. Guo wat betreft de recente ontwikkelingen in China, refererend aan de beweging van het uittreden uit de Partij. Dat is eveneens zeer waar. Ik heb mijn eigen voorbeeld. Recent ontving ik een Chinese schrijver in Stockholm. Hij kwam van Peking. Hij vertelde me dat vele partijleden in verschillende Chinese instellingen en fabrieken niet werken deze dagen. Zij hebben verlof genomen van hun werk omdat de partij hen opgedragen had studiegroepen te houden. Ze noemen dit de ‘houd het vers’ campagne. Het is omdat de partij bezorgd is dat haar leden haar niet langer trouw zullen zijn. Het is als rot vlees in de ijskast. Ze willen het vers houden, maar er is geen manier om dat te doen. Je zult het rotte eten weg moeten gooien. Je kan geen oud voedsel terug vers maken, maar ze proberen het nog steeds ‘vers te houden’.

Ik kan nog een voorbeeld geven dat ik gehoord heb van een Zweedse professor. Ik wil zijn naam niet noemen. Hij vertelde me dat hij de Fudang Universiteit in Shanghai bezocht had en er daar iets merkwaardigs gebeurde. Hij heeft vele verschillende conferenties bezocht in China. Deze conferenties waren allemaal erg academisch; en je moet jezelf gewoon als professor presenteren, in welk veld je werkzaam bent, en wat je gedaan hebt op je vakgebied. Op de conferentie in Shanghai echter, wanneer een Chinese professor van deze universiteit opstond om zijn toespraak te geven, zei hij eerst, “ik ben lid van de Communistische Partij.” De buitenlandse gasten, vertegenwoordigers van universiteiten van de Noordelijke landen, en zo’n 50 tot 60 professoren van verschillende Scandinavische landen waren allemaal verbaasd over het feit dat  deze professor vermeldde dat hij een lid van de CCP was. Ze begrepen het niet. Ik kan echter vertellen, net als Mevr. Guo zei, dat ze gedwongen worden dat te doen. Veel mensen in China zijn, voor zeer praktische redenen, lid van de CCP. Veel mensen willen het nu echter niet zeggen. Ze willen het andere mensen niet vertellen. Ze schamen zich. Nu vraagt de Partij hen in het openbaar te zeggen dat ze lid zijn. Het is duidelijk dat de Partij weet dat hun bestaansrecht bedreigd is. Zelfs een professor moet zeggen “ik ben een lid van de CCP” voor hij kan spreken, alhoewel het niks te doen heeft met de conferentie. Daarom geef ik Mevr. Guo volledige steun over wat zij zei wat betreft de situatie rond de CCP in China.

Ik kom terug op mijn eigen onderwerp over vrijheid van meningsuiting. Ik werk voor PEN; wij zijn verbonden met de International PEN en hebben leden in China. We verdedigen vrijheid van meningsuiting in China. Ik wil iets toevoegen aan Dhr. Wei’s stelling. Hij zei dat de situatie in China op het gebied van mensenrechten en vrijheid van meningsuiting niet veranderd is en zelfs verslechterde, het is erger geworden. Verwijzend naar vrijheid van meningsuiting, is dit zeer waar. Misschien zeggen sommige Chinese vrienden en Chinese schrijvers dat dat niet waar is; zij beweren dat de situatie in China veel beter is, “we kunnen zeggen wat we willen en we kunnen schrijven wat we willen”. Ik ben het niet met hen eens! Ja, het is waar dat je meer kan schrijven. Het lijkt dat de onderwerpen waarover je kan schrijven meer en meer worden, en mensen zeggen dat wanneer de Chinese mensen in de treinen, taxis, in steden als Shanghai behoorlijk open lijken. Er zijn veel café’s en restaurants waar je mensen de regering kunt horen bekritiseren. Ze durven vele dingen te zeggen en ze kunnen de CCP zelfs bekritiseren, maar niet in het openbaar! Je ziet hen nooit kritiek uiten in het openbaar of in de massa media. Dat is niet de vrijheid van meningsuiting volgens onze definitie. Er is angst, en de angst verspreid zich zelfs tot buiten China. Zo vele Chinezen in Zweden durven de CCP of de Chinese regering niet te bekritiseren, ook niet in de Zweedse massa media. Als een Zweedse journalist een Chinese student hier interviewt, zal hij de Partij ook niet openlijk durven te bekritiseren.

Vrijheid van meningsuiting is niet iets binnen een kamer, in een toilet of in je eigen huis. We praten over het recht in het openbaar te spreken. Vele Chinese schrijvers zeggen dat je kan schrijven wat je wilt. Ik vroeg ze, “Kan je schrijven over de slachting op het Tiananmen Plein in 1989?” Nee, dat kan je niet. Je kan niet over politieke kwesties schrijven. Er was pas geleden een debat in het Shanghai Literatuur magazine hierover. Een schrijver publiceerde in dit magazine een stuk waarin hij zegt dat het hoofdprobleem voor schrijvers in China nu de commercialisatie is; het lijkt erop dat hij de politieke en mensenrechtenkwesties niet als het hoofdprobleem ziet. Een andere behoorlijk bekende schrijver, Li Rui, waarvan een behoorlijk aantal romans in het Zweeds vertaald zijn, publiceerde recentelijk iets dat tegen deze opinie in ging. Hij hield vol dat de vrijheid van geschrift nog steeds een probleem is. Hij schreef, “Je bent verkeerd te zeggen dat we kunnen schrijven wat we willen. Ik weet dat dat niet kan. Alhoewel ik niet durf om over bepaalde dingen te schrijven, weet ik het, ik weet dat ik niet durf te schrijven”. Mensen raken gewoon gewend bepaalde onderwerpen te vermijden, en ze weten wat de taboes zijn.

De overtuiging dat als de economie ontwikkelt, de politieke en mensenrechtenkwesties ook zullen verbeteren, is een illusie. Zoals Dhr. Wei aanhaalde over de Tweede Wereldoorlog, men kan zien hoe de Duitsers voor WOII de economie ontwikkelden, maar de mensenrechten gingen erop achteruit. U weet hoe ze de Joden en de mensen die tegen Hitler’s beleid waren, vervolgden. Daarom is het niet zo dat als je de economie verbetert, het de mensenrechten ook zal verbeteren. Er is niet noodzakelijk een verband. Aan de andere kant, in de laatste jaren is het erger en erger aan het worden. Ik kan een paar voorbeelden geven. Nadat Hu Jintao afgelopen jaar de macht overnam, werd de bestraffing van gearresteerde schrijvers ernstig erger. Ik dacht dat Jiang Zemin al een slechte leider was, maar Hu is nog erger. Als een schrijver een gevangenisstraf van 5 jaar kreeg in Jiang’s tijd, zou een zelfde geval of zelfs een mindere zaak recentelijk 10 of 14 jaar krijgen. In de zaken waar de International PEN momenteel aan werkt, zijn vele schrijvers gearresteerd onder Hu Jintao’s bewind. Het is daarom duidelijk dat de situatie aan het verslechteren is.

Wanneer je naar de homepage van ons Independant PEN Centre, www.penchinese.com kijkt, zie je dat we een gedetailleerde lijst van schrijvers hebben die gearresteerd zijn in China. In maart hadden we een seminarie over mensenrechten in China in het Zweedse parlement. Daar noemde ik een geval en ik zal het hier opnieuw aanhalen omdat ik uw aandacht wil vestigen op degenen die werken als journalist. De gearresteerde persoon is Shi Tao, een dichter, maar ook een journalist. Hij werkte voor een krant in Hunan, in de stad Changsha. Een dag voor de verjaardag van de 4 juni slachting in 1989, hield de hoofdredacteur een vergadering en las hij een document van de Partij voor, waarin de journalisten en alle medewerkers gewaarschuwd werden niet over de slachting in Peking te berichten. Het was de vijftiende verjaardag afgelopen jaar, en het was een belangrijke verjaardag voor het Chinese volk. Dat document van de Partij verbiedde elke verslaggeving over de slachting die vijftien jaar geleden plaatsvond. Shi Tao berichtte hierover op het internet, een externe buitenlandse website. Hij werd gearresteerd, en toen tot 10 jaar cel veroordeeld op aanklacht van het onthullen van ‘staatsgeheimen’, verwijzend naar de nationale veiligheid. Kan je je dat voorstellen? Een journalist hier kan het zonder probleem publiceren omdat het niks te doen heeft met de nationale veiligheid. In China belastte de openbare aanklager hem met het onthullen van ‘staatsgeheimen’. Hij kreeg 10 jaar en de rechter zei nog, “We zijn vrij aardig” omdat 10 jaar volgens de wet het minimum is voor het onthullen van staatsgeheimen, anders zou je levenslang of zelfs de doodstraf hebben gekregen. De rechters zeiden dat ze aardig waren omdat 10 jaar het minimum was dat ze konden geven.

Hij is 33 jaar oud en heeft een jonge mooie vrouw. Hoe kan zijn vrouw 10 jaar wachten? Zijn zaak was ook een voorbeeld dat aantoont hoe belachelijk en onmenselijk het juridische systeem in China is. Shi Tao werd op 24 november gearresteerd in een treinstation in Taiyuan. Hij was op weg naar zijn moeder toen plotseling enkele politiemannen in burger – die in feite geheime politie waren – hem oppakten en wegbrachten zonder enige documenten te tonen. Zijn familieleden werden niet geïnformeerd. Het is net als een ontvoering. Na twee dagen gingen ze zijn huis doorzoeken, namen zijn computer in beslag en waarschuwden zijn vrouw de media niet te informeren. Zonder enige juridische documenten brachten ze hem naar Changsha omdat de krant waar hij voor werkte in Changsha zat. De politie kwam uit Changsha in de Hunan provincie. Ze kwamen uit een andere provincie om hem te arresteren zonder enige juridische procedures te volgen. Het is als een ontvoering! Ook in China, kan men volgens de wet een persoon niet langer dan een bepaald aantal dagen vasthouden zonder aanklacht, maar ze hielden de journalist voor minstens zes maanden gevangen zonder enige aanklacht, wat betekent dat hij reeds voor lange tijd van zijn vrijheid beroofd is. Dit is wat er nu gebeurt in China.

Er is een ander geval over een universiteitsstudent Lui Di, die vrij bekend is. Lui Di was een vierdejaars student aan de Peking Normal University. Ze werd gearresteerd voor haar internetpublicatie die de regering en het communistische systeem bekritiseerde, en ze werd in het geheim voor een jaar vastgehouden; zelfs haar ouders wisten niet waar ze was. Geen familielid was toegestaan haar te bezoeken. International PEN zette zich voor haar zaak in en startte een petitie die ze vele bekende schrijvers, waaronder Nobelprijs winnaars, vroegen te ondertekenen. Na zeer sterke druk van de International PEN werd ze vrijgelaten.

Hoe dan ook, deze twee gevallen tonen sterk bewijs dat de situatie in China niet verbeterd is, tenminste als we praten over vrijheid van meningsuiting. Wat zelfs erger is, is dat de dictator in Peking zich bemoeit met onze vrijheid van meningsuiting in het buitenland. Ik weet dat een Chinese ambassade trachtte een radioprogramma hier te stoppen. Als nieuwsverslaggevers hier iets negatiefs over China publiceerden, zullen ze een protest of bedreiging ontvangen. Zelfs voor deze tour voor Dhr. Wei Jinsheng hebben we voorbeelden. Hij zei dat dit het achtste land is waar hij een lezing geeft. In Denemarken en Noorwegen probeerden de Chinese ambassades de seminaries te stoppen. In Denemarken beloofden enkele parlementsleden te komen, maar later kwam er slechts één opdagen. Dat parlementslid vertelde dat ze allemaal telefoontjes van de ambassade hadden gekregen, en ze durfden niet te komen omdat ze erover dachten naar China te gaan en zich zorgen maakten geen visum te krijgen.

Ik kan ook vertellen waarom we hier vandaag een ander programma zien. Sommige sprekers besloten thuis te blijven vandaag. Ik kan, als ik geen bewijs heb, geen gerucht verspreiden dat ze misschien bedreigd werden door de Chinese ambassade en dat dat de reden is waarom ze afzegden, maar ik kan op zijn minst zeggen dat het erg vreemd is. We hebben dit seminarie lang van te voren voorbereid. Toen we de officiële uitnodigingen die velen van jullie ontvingen op woensdag en donderdag verstuurd hadden, gebeurde er plotseling van alles op vrijdag. Iemand had afgezegd alsof hij een waarschuwing had gekregen. Ik denk dat het betreurenswaardig is dat een regime onze vrijheid van meningsuiting kan bedreigen, zelfs hier in Zweden. De reden is misschien “Falun Gong…Wij willen niks te maken hebben met Falun Gong”, zoals er gezegd werd. Waarom? Wat is er mis mee dat er hier iemand van Falun Gong is? International PEN verdedigt alleen vrijheid van meningsuiting; we zeggen niet bepaalde partijen of religies te verdedigen. Wij verdedigen de vrijheid van meningsuiting voor iedereen. Zelfs als je een lid van de CCP zou zijn, zou ik je recht op vrijheid van meningsuiting verdedigen. Hier vertegenwoordigen wij onszelf als sprekers voor mensenrechten. Ik sta niet stil bij of je een CCP-lid of een Falun Gong beoefenaar bent, of een conservatief persoon. Dit seminarie praat over mensenrechtenkwesties in China. Dit is een principe. Het is voor dit principe dat ik hier ben, en ik kan niet thuis blijven.

Het is jammer dat er enkele sprekers, voor bepaalde redenen thuis of weg zijn gebleven. Ik dank alle deelnemers hier ervoor dat ze gekomen zijn en solidariteit te tonen met de sprekers hier. Wij staan niet voor een leeg auditorium; we hebben zoveel vriendelijke gezichten gezien. Ik zie veel oude vrienden hier en ben ontroerd. Ik denk dat ik niet veel meer ga zeggen. Ik wil slechts nog iets in het Chinees zeggen voor degenen die geen Engels verstaan….

Toen ik zojuist in Chinees sprak, sprak ik over de vele boeken die verbannen zijn in China. Het zijn heel goede boeken en kenden een grote lezerskring in China voor ze verbannen werden. Ik kan degenen die beweren dat de mensenrechtensituatie in China verbeterd is vragen, hoe kan de situatie beter zijn wanneer de CCP zoveel boeken verbannen heeft, en zoveel schrijvers gearresteerd heeft? Zodra deze boeken gevoelige onderwerpen aanraken, worden ze tegengehouden.

Ik hoop dat onze vrienden hier onze boodschap over kunnen brengen naar de massa media en naar het Zweedse volk dat mensenrechtenkwesties in China niet alleen Chinese mensen aangaan, maar ook ons. Het gaat over vrede in de hele wereld, en over onze kinderen.



Dank u.



Dhr. Maiping Chen, dichter, schrijver en voormalig hoofdredacteur van het Chinese literaire magazine Today, is de vice-voorzitter van de Independent Chinese PEN Centre (ICPC), de wereldwijde vereniging van schrijvers voor het bevorderen van vriendschap en intellectuele samenwerkingsverbanden tussen schrijvers onderling en het vechten voor vrijheid van meningsuiting.

Dhr. Maiping Chen werkt rusteloos om schrijvers te redden die gevangen zitten voor hun onafhankelijke opinies, toespraken en publicaties in China. Zijn betrokkenheid in mensenrechtenactiviteiten dwongen hem sinds 1986 naar Zweden te vluchten. In 2001 ontving hij de Human Rights Watch / Hellman Award. www.penchinese.com/wipc/index.html.








 








 









"Negen Commentaren op de Communistische Partij" is een special van de Epoch Times